“Wist je dat in een tijd van persoonlijke crisis regelmatig gelovigen hun geloof moeten hercalibreren of kwijtraken?”
“Geloof is: ontdekken dat je, in het diepst van je ziel, in het hart van wie je bent, bewogen wordt om voor het leven dankbaar te zijn.”
“Maar het lijkt of God, dat grotere, me niet kan loslaten. En ik weet niet hoe ik dat anders moet zeggen, goed uitleggen kan ik het niet.
Het is in de zin dat ik het leven niet zonder grotere samenhang kan bekijken.
En dat de grotere samenhang, het grotere verhaal, me in de vezels blijkt te zitten.
Dat ik onderdeel ben van een groot verhaal, waarvan ik de randen niet eens kan zien. “

Woorden uit een blog van Wouter/Creatov die me triggerden omdat ik het herken.

Het leven. Het geloof. Het vertrouwen in elkaar.
Het zijn soms hele grote woorden.
Daar kom ik nu achter.

Als stormen aan je levensboom rukken, kunnen zelf wortels los komen te liggen.
Grote woorden en uitleg over geloven heb ik soms even niet meer.

Het is wellicht m’n arm uitstrekken in de donkere golven van
teleurstelling, twijfel, schuldbewustzijn, wantrouwen en zorgen
en roepen: Hou me vast Heer!

Misschien is dit de waarheid die me overeind houdt:
God is, en ik mag zijn.
En wat ik ben, is genade.
Wat ik heb, is geleend.

2016-11-29_0001

Het zijn woorden uit dit prachtige zuidafrikaanse lied:

Laat my nooit die grond verlaat nie.
Laat my in U skadu bly.
Gee dat elke aardse vreugde en vrees,
eindelik nietig word vir my.

Elke afdraai paadjie ken ek.
Elke keer het ek verdwaal.
Elke keer het u my iewers kom haal.
Maak dit Heer, die laaste maal.

Elke dag is n gedagte.
Elke kamer net gehuur.
Elke aardse droom van rykdom en roem,
net n skadu teen die muur.

Wat ek is, is net genade.
Wat ek het, is net geleen.
Eintlik smag ek na U waters van rus.
Lei my Heer vanaand daarheen. *

Wat een prachtig lied.
“Wat ek is, is net genade
Wat ek het, is net geleen.”

2016-11-29_0003Het zijn woorden die ik eigenlijk elke morgen tot me door zou moeten en willen laten dringen.
Ik besta, door Gods genade. Mijn spullen die ik heb, krijg ik te leen van Hem.
De vanzelfsprekendheid van het leven, is er bij mij wel enigszins afgegaan het afgelopen jaar.
Als de dood binnen het gezin/familie maar liefst drie keer aanklopt, besef je meer en meer dat het niet logisch is dat we oud worden.
Want ja, menselijkerwijs gesproken is 62, 63 of 68 jaar, niet oud. (mama, tante, papa)
Want ergens diep in ons hart hopen we, of vinden we dat we er een soort ‘recht’ op hebben, om oud te worden.
2016-11-29_0002Maar wat ik ben, is alleen genade.
 En wat ik heb, is alleen geleend.
In dat besef leven, maakt je dankbaar. Maakt je klein.
Maakt je gewillig om te delen. De spullen die je te leen krijgt, kun je delen met anderen.
Voor mij ook weer een goede herinnering in deze bijzondere week,
wanneer we de sleutel krijgen van die prachtige, bijzondere plek in de polder.
We mogen daar gaan wonen. Gaan ‘zijn’. Van genade leven.
– én (uit)delen! – .
En ik hou me vast aan Gods belofte:
“Blijf niet staan bij wat eertijds is gebeurd, laat het verleden nu rusten.
Zie, ik ga iets nieuws verrichten, nu ontkiemt het – heb je het nog niet gemerkt?
Ik baan een weg door de woestijn, maak rivieren in de wildernis.”
Met God komt het goed. Links of rechtsom 😉arlersteegLangzaam merk ik dat ik steeds vaker tegen mezelf zeg:
Jonneke, geniet hiervan, besef wat je nu hebt en kan, het kan echt opeens voorbij zijn.

Maar in Gods schaduw [waar dat ook is]
mijn dorst lessend bij God [en niet bij mensen, want dat kan zo teleurstellen]
in de hoop dat het mooiste en beste wat nog niet in onze gedachten is opgeklommen,
nog komt.

God is.
En ik mag zijn.
Eeuwig zelfs.
Die waarheid is genoeg.